Palmzondagviering, 20 maart 2005

Thema: trouw aan zichzelf

Openingszang: ALWIE DOLEND IN HET DONKER
    Alwie dolend in het donker in de stilte van de nacht
    en verlangend naar een wonder op de nieuwe morgen wacht:
    vrijheid wordt aan u verkondigd door een koning zonder pracht.

    Onze lasten zal Hij dragen, onze onmacht totterdood,
    geeft als antwoord op onze vragen ons zichzelf als levend brood,
    nieuwe vrede zal er dagen, liefde straalt als morgenrood.

    Tot de groten zal Hij spreken, even weerloos als een lam,
    het geknakte riet niet breken, Hij bewaakt de kleine vlam:
    hoort en ziet het levend teken van een God die tot ons kwam.
Inleiding
    Het zal je maar overkomen: dat je het aanbod van je leven krijgt, ook al moet je dan wel wat principes laten varen. Het zal je maar gebeuren: dat de greep naar aanzien en macht moeiteloos kan, ook al kost dat je idealen. Ze zullen je maar met palm toezwaaien en je tot koning willen kronen. Dat overkwam Jezus van Nazareth, en daardoor kwam Hij voor de moeilijke keuze te staan: Blijf ik trouw aan mijzelf, zelfs al wordt dat mijn dood of grijp ik de macht en red ik mijn lijf. We zullen zijn keuze deze week op de voet volgen.
Drempelgebed
    Bijeen in de naam van de Vader, bidden wij:
    trouwe God, U, die zoekt naar mensen
    die trouw willen zijn aan het Verbond,
    dat U met ons gesloten hebt,
    zie ons hier bij elkaar om te luisteren naar de verhalen,
    die ons vertellen van Jezus' trouw.

    Allen:
      Dat zij ons tot nadenken dwingen
      en wij ons toetsen aan Zijn trouw.


    Dat de kracht van Uw geest bezit neemt
    van ons hoofd en van ons hart
    en er geen plaats is voor iedere vorm van macht,
    die mensen klein maakt.

    Allen:
      Neem ons bij de hand en open onze oren
      opdat wij de komende week met hart en ziel optrekken met Hem,
      die toegejuicht en uitgedaagd werd.


    Dat wij de moed hebben juist als Hij
    de juiste weg door het leven te gaan
    ook als ons dat wel eens moeilijk valt.
    Vergeef ons dat we in gebreke blijven.
Kyrie

Jezus op weg naar Jeruzalem (Matteüs 20,17-19)
    Toen Jezus verder trok naar Jeruzalem, nam Hij de twaalf leerlingen apart, en onderweg zei Hij tegen hen: "Kijk, we gaan op naar Jeruzalem, en de Mensenzoon zal overgeleverd worden aan de hogepriesters en schriftgeleerden, en ze zullen Hem ter dood veroordelen. Ze zullen Hem overleveren aan de heidenen om Hem te bespotten, Hem te geselen en te kruisigen, en op de derde dag zal Hij tot leven gewekt worden."

      Zang:
        De koning van de vrede ging naar Jeruzalem,
        daar heeft Hij veel geleden, en velen volgden Hem.
        Hij ging hen voor in 't goede, was trouw tot in de dood,
        Hij zou de zijnen voeden, met wijn en ook met brood.
(Jezus op weg naar Jeruzalem 2 (Matteüs 20,20-28))
    Toen kwam de moeder van de zonen van Zebedeüs bij Hem, samen met haar zonen; ze viel voor Hem op de knieën om Hem iets te vragen. Hij zei tegen haar: "Wat wil je?" Ze antwoordde: "Zeg dat deze twee zonen van mij een plaats krijgen in uw koninkrijk, één rechts en één links van U." Maar Jezus antwoordde: "Jullie weten niet wat je vraagt. Kunnen jullie de beker drinken die Ik zal drinken?" Ze zeiden Hem: "Ja, dat kunnen we". Hij zei hun: "Mijn beker zullen jullie drinken, maar rechts en links van Mij zitten? Het is niet aan Mij om dat te vergeven. Dat wordt aan diegenen gegeven, voor wie dat door mijn Vader is weggelegd."
    Toen de tien anderen dat hoorden, ergerden zij zich aan de twee broers. Maar Jezus riep hen bij zich en zei: "Jullie weten dat de leiders van de volken heerschappij voeren over hen en de grote mannen hun gezag laten gelden. Zo moet het onder jullie niet zijn. Integendeel, wie groot wil worden onder jullie, moet jullie dienaar zijn, en wie onder jullie de eerste wil zijn, moet jullie slaaf zijn. Zoals de Mensenzoon niet gekomen is om gediend te worden, maar om te dienen, en om zijn leven te geven als losgeld voor velen."

      Zang:
        De koning van de vrede, een koning zonder troon,
        geen macht om te verdelen, geen pracht en praal en kroon.
        Voor allen die Hem volgen is leven weggelegd,
        maar geen gezag of glorie, Hij heeft het zelf gezegd.
Lezing uit het evangelie volgens Matteüs (21,1-11)
    Toen Jezus en zijn leerlingen Jeruzalem naderden en de Olijfberg bestegen in de richting van Betfage, zond Jezus twee van hen vooruit met de opdracht: "Gaat naar het dorp, daar vóór u en het eerste dat ge zult vinden is een vastgebonden ezelin met een veulen. Maak die los en breng ze bij Mij. Als iemand een aanmerking maakt, zegt dan: de Heer heeft ze nodig, maar zal ze spoedig terugsturen." Dit gebeurde, opdat in vervulling zou gaan het woord van de profeet: zeg aan de dochter van Sion: zie, uw Koning komt tot u, zachtmoedig en gezeten op een ezelin, het jong van een lastdier.

      Zang:
        De koning van de vrede, zo groot maar zonder macht,
        gekomen om te dienen, de liefde was zijn kracht.
        Zijn leven willen leiden, zijn weg van dienstbaarheid,
        in goede, slechte tijden, zijn wij daartoe bereid?
    De leerlingen begaven zich op weg en deden wat Jezus hun had opgedragen. Ze brachten de ezelin met haar veulen, legden er hun mantels overheen en Hij ging erop zitten. Zeer velen uit het volk spreidden hun mantels uit op de weg, terwijl anderen de weg bedekten met twijgen die zij van de bomen hadden gesneden. De mensen die Hem omstuwden, jubelden: "Hosanna in den hoge!" Toen Hij Jeruzalem binnentrok, raakte de hele stad in beroering en men vroeg: "Wie is dat?" Het volk antwoordde: "Dit is de profeet Jezus uit Nazaret in Galilea."

      Zang:
        De koning van de vrede, die dienaar zonder macht,
        Hij is voor ons een zegen, een stille bron van kracht.
        Dat wij niet hoeven vrezen de macht van alle kwaad,
        omdat wij zeker weten, dat Hij ons nooit verlaat.
Overweging
    Het zal je maar gebeuren. Je bent Jezus van Nazaret, je hebt veel vrienden gemaakt onder het gewone volk, maar je weet dat de leiders je bloed wel kunnen drinken. Je beseft dat naar Jeruzalem gaan letterlijk levensgevaarlijk is. Wat doe je? Blijf je trouw aan jezelf, neem je het risico dat ze je aan het kruis slaan of ga je met stille trom gauw de andere kant op?
    Het zal je maar gebeuren. Je bent burgemeester van Sampit een stad in Kalimantan aan de rand van het regenwoud. Hoge heren uit Djakarta beloven je een miljoen dollars als je een flinke kapvergunning afgeeft.. Je inkomen als burgemeester is maar magertjes. Wat doe je? Blijf je trouw aan het land en zijn bevolking of zwicht je voor het grote geld?
    Het zal je maar gebeuren. Je zit in de tweede kamer. Een groot industrieel concern is bij jou aan het lobbyen om tegen een bepaald wetsvoorstel te stemmen omdat dat nadelig is voor hun bedrijf. In je hart ben je voor het wetsvoorstel, maar ze beloven je gouden bergen als je toch tegenstemt. Wat doe je? Blijf je trouw aan je zelf en je overtuigingen of zwicht je voor de gouden bergen?
    Het zal je maar gebeuren. Je bent een gewone mens in een gewone straat, je hebt een gewone baan met een gewoon salaris. Dan krijg je een andere baan aangeboden waarbij je vijf keer zoveel kunt verdienen. Alleen, in die andere baan kan niet alles het daglicht verdragen. Wat doe je? Blijf je trouw aan jezelf, aan je gevoel voor eerlijkheid, of zwicht voor het geld en doe je mee aan duistere praktijken?
    Het zal je maar gebeuren. Maar het gebeurt elke dag, overal, op duizend en een manier, in het groot en in het klein. Het gebeurt dat mensen zich laten verleiden door geld, macht, invloed om dingen te doen waarvan ze heel goed weten dat ze eigenlijk niet door de beugel kunnen.
    Maar er zijn ook mensen als Jezus van Nazaret die trouw blijven aan zichzelf en hun overtuigingen, ook al weten ze dat het hun geen voordeel oplevert maar eerder het tegendeel. Maar in de ogen van velen ben je stapelgek als je niet mee doet aan wat de meesten gewoon vinden. In de ogen van velen ben je achterlijk als je kiest voor hogere waarden, voor trouw aan jezelf, trouw aan anderen. Ze vinden je maar belachelijk, bekrompen.
    Jezus van Nazaret durfde zich belachelijk te maken: Jeruzalem binnentrekken als koning op een ezel. Dat is a.h.w. een groteske karikatuur van grootheid. Maar had hij niet gezegd: wie de eerste wil zijn, moet de minste willen zijn. Hij was trouw aan zichzelf, tot in het uiterste? Hoe trouw zijn wij aan onszelf, aan onze idealen, aan ons geloof in die Jezus?
Zegening van de palmtakjes:
    Antifoon:
      Hosanna, zoon van David, hosanna voor de Heer.
      Hosanna, zoon van David en looft Hem altijd weer
    .
    Kleine groene takjes, ze horen erbij vandaag.
    Ze zijn een herinnering aan Jezus van Nazaret,
    die koning in dienstbaarheid.
    Zij zeggen ons: zijn koningschap blijft levend,
    vernieuwt zich telkens weer, in mensen, in ons.
    Zo'n takje in de hand nemen, het een plaats in huis geven,
    is een teken dat je kiest voor zijn manier van leven,
    is ons te binnen brengen dat zijn weg van de dienende goedheid
    ook onze weg dient te zijn.
    God, zegen deze groene takjes, die de winter overleven.
    Zij huldigen de mens die zijn heil niet zocht in macht en geweld
    maar zijn kracht vond in dienende goedheid.
    Geef dat deze takjes, waar ze ook heengaan,
    opwekken tot zijn manier van omgang met elkaar,
    tot vrede en verzoening en liefde wereldwijd.
    Moge uw zegen rusten op deze takjes,
    op onze huizen, op onze akkers, op ieder van ons,
    in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest. Amen.

    Antifoon:
      Hosanna, zoon van David, hosanna voor de Heer.
      Hosanna, zoon van David en looft Hem altijd weer.

Geloofsbelijdenis:
    Hij die bestond in zijn goddelijke majesteit,
    heeft zich niet willen vastklampen aan de gelijkheid met God.

    Allen:
      Hij heeft zichzelf ontledigd
      en het bestaan van een slaaf op zich genomen.
      Hij is aan de mensen gelijk geworden.


    En als mens verschenen heeft Hij zich vernederd
    door gehoorzaam te worden tot de dood,
    tot de dood aan het kruis.

    Allen:
      Hij is gehoorzaam geworden tot de dood,
      tot de dood aan het kruis.


    Daarom heeft God Hem hoog verheven en Hem de naam verleend,
    die boven alle namen is.

    Allen:
      Opdat bij het noemen van zijn naam
      iedere knie zich zou buigen
      in de hemel, op aarde en onder de aarde.


    En opdat iedere tong zou belijden,
    tot eer van God de Vader:
    Jezus Christus is de Heer.

    Allen:
      Tot eer van God de Vader: Jezus Christus is de Heer.

Voorbede:
    Wij bidden om de geest van wijsheid van Jezus van Nazaret,
    dat wij de waanzin onderkennen van het recht van de sterkste,
    dat wij groeien in het opkomen voor het recht van de zwakste,
    dat wij oog en oor mogen hebben voor hen
    die niet gezien en niet gehoord worden.
    Dan kunnen ook wij Hem vandaag terecht toejuichen.

      Antifoon:
        Hosanna, zoon van David, hosanna voor de Heer.
        Hosanna, zoon van David en looft Hem altijd weer.

    Wij bidden om de geest van geloof van Jezus van Nazaret,
    dat wij de profetische droom van een betere wereld niet prijsgeven
    voor de bekrompen zorg voor eigen belangen alleen;
    dat ons geloof in bevrijding te zien is in onze manier van leven,
    dat ons verlangen naar gerechtigheid af te lezen valt uit onze keuzes.
    Dan kunnen ook wij Hem vandaag terecht toejuichen.

      Antifoon:
        Hosanna, zoon van David, hosanna voor de Heer.
        Hosanna, zoon van David en looft Hem altijd weer.

    Wij bidden om de geest van trouw van Jezus van Nazaret,
    dat we durven vasthouden aan onze overtuigingen
    en ons niet laten leiden door menselijk opzicht,
    dat wij ons niet laten ontmoedigen door het kwaad dat we zien,
    maar steeds doorgaan met goed zijn en goed doen;
    Dan kunnen ook wij Hem vandaag terecht toejuichen.

      Antifoon:
        Hosanna, zoon van David, hosanna voor de Heer.
        Hosanna, zoon van David en looft Hem altijd weer.

    Wij bidden om de geest van liefde van Jezus van Nazaret,
    dat wij ons niet laten leiden door egoïsme en gemakzucht,
    maar ons ondergeschikt durven maken aan het geluk van anderen;
    dat we altijd mild in ons oordeel zijn, en geduldig in onze omgang.
    Dan kunnen ook wij Hem vandaag terecht toejuichen.

      Antifoon:
        Hosanna, zoon van David, hosanna voor de Heer. Hosanna, zoon van David en looft Hem altijd weer.

Offerandelied: WIE ALS EEN GOD WIL LEVEN . .
    Wie als een God wil leven hier op aarde, (2x)
    hij moet de weg van alle zaad
    en zo vindt hij genade. (2x)

    Hij gaat de weg van alle aardse dingen (2x)
    en leeft zijn lot met hart en ziel
    van alle stervelingen. (2x)

    Hij wordt aan zon en regen prijs gegeven, (2x)
    het kleinste zaad in weer en wind
    moet sterven om te leven. (2x)

    De mensen moeten sterven voor elkander, (2x)
    het kleinste zaad wordt levend brood
    zo voedt de een de ander. (2x)

    En zo heeft onze God zich ook gedragen (2x)
    en zo is Hij het leven zelf
    voor iedereen op aarde. (2x)

Tafelgebed:
    Pr. De Heer zal bij u zijn.
    Al. De Heer zal u bewaren.
    Pr. Verheft uw hart.
    Al. Wij zijn met ons hart bij de Heer.
    Pr. Brengen wij dank aan de Heer onze God.
    Al. Hij is onze dankbaarheid waardig.
    Pr. Heilige Vader, God van mensen, om recht te doen aan uw heerlijkheid, om uw heil en verlossing te bezingen, danken wij U altijd en overal voor Jezus, de profeet van Nazaret.

    Al. Gezegend Hij die kwam in uw Naam. Hosanna in den hoge.

    Pr. Alles heeft Hij welgedaan, zieken vonden bij Hem genezing en zondaars kregen zijn vergeving. Toch werd Hij als een misdadiger veroordeeld tot de dood. Hij die zelf onschuldig was, heeft het lijden aanvaard voor hen die wel schuldig waren.

    Al. Gezegend Hij die kwam in uw Naam. Hosanna in den hoge.

    Pr. Hij is nu voor alle tijden uw woord dat mensen redt, de hand die U zondaars reikt, de weg waarlangs uw liefde en vrede ons worden aangeboden. Hij roept ook ons weg uit het land van duisternis en uitzichtloosheid en wijst ons de weg naar uw hemel op aarde.

    Al. Gezegend Hij die kwam in uw Naam. Hosanna in den hoge.

    Sanctus/Heilig

    Pr. God van mensen, wij gedenken Jezus, uw gezondene. Hij die bestond in uw goddelijke majesteit heeft zich vernederd en is ons aller dienaar geworden, om ons zo te bevrijden van de verlammende macht van zonde en schuld.
    Tijdens het laatste avondmaal dat Hij in Jeruzalem met zijn vrienden hield, op die avond voor zijn dood, heeft Hij ons een heilig teken gegeven opdat wij nooit zouden vergeten wat Hij ons heeft willen zeggen. Hij nam brood, dankte U, brak het en deelde het rond met de woorden:
    Neemt en eet hiervan, jullie allemaal, dit is mijn lichaam, dit is mijn leven dat Ik voor jullie ga geven.

    Zo nam Hij op die avond ook de beker met wijn, deelde die met zijn vrienden met de woorden:
    Neemt deze beker en drinkt hier allen uit, want dit is mijn bloed, dit is mijn leven dat Ik voor jullie ga geven, dit is de beker van een nieuw en altijddurend verbond. Blijf dit doen om Mij te gedenken.

    Zo vieren wij het verbond van God met de mensen.

    Al. Als wij dan eten van dit brood en drinken uit deze beker, verkondigen wij de dood des Heren totdat Hij komt.

    Pr. God van mensen, deze Jezus willen wij levend houden in ons midden. Samen met Hem willen ook wij deze oude aarde vernieuwen en de macht van het kwaad breken.
    Naar zijn voorbeeld willen ook wij nieuwe wegen van goedheid banen, paden van gerechtigheid en vrede, van geloof in de toekomst en vertrouwen in elkaar.
    Schenk ons uw Geest van kracht opdat ook wij in staat zijn Hem na te volgen in zijn idealisme en trouw, in zijn menslievendheid en dienstbaarheid.
    Dan zal ook door ieder van ons uw rijk op aarde werkelijkheid worden, in zijn naam en in zijn kracht.

    Al. Door Hem en met Hem en in Hem zal uw naam geprezen zijn, Heer onze God, almachtige Vader, in de eenheid van de heilige Geest, hier en nu en tot in eeuwigheid. Amen

    Pr. Laten wij bidden tot God onze Vader met de woorden die Jezus ons gegeven heeft:

    Al. Onze Vader . . .

    Pr. Verlos ons, Heer, van alle kwaad, geef vrede in onze dagen, dat wij, gesteund door uw barmhartigheid, vrij mogen zijn van zonde en beveiligd tegen alle onrust. Hoopvol wachtend op de komst van Jezus, Messias, uw Zoon.

    Al. Want van U is het koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid, in eeuwigheid. Amen
Agnus Dei/Lam Gods

Communie

Slotgedachte: Op weg naar Jeruzalem
    Met Jezus zijn we op weg naar Jeruzalem,
    op weg naar Pasen, het feest van leven en voortleven,
    een tocht van dagen, van jaren, van heel ons leven
    een levensreis met hoogte- en dieptepunten.
    Leven willen we vanzelfsprekend allemaal,
    een goed leven wensen we ook allemaal,
    maar een leven is alleen goed als we trouw zijn,
    trouw aan onszelf, trouw aan elkaar.
    En die opgave is soms moeilijker dan we denken.
    We willen ons zo graag een beetje koning voelen,
    hoog te paard, stevig op een troon, met macht bekleed,
    verheven boven anderen, beter dan anderen.
    Ook Jezus kende die bekoring maar Hij gaf niet toe.
    Hij bleef trouw aan zichzelf, trouw aan zijn idealen,
    trouw aan het rijk van God dat Hij preekte.
    Hij kende de consequenties van zijn keuze,
    in de komende week zullen we daar bij stil staan.
    Want zijn trouw tot in de dood leidde Hem naar Pasen,
    naar leven en verder leven, verder leven in ons
    als ook wij trouw zijn aan onszelf, aan zijn idealen.
    Dan zullen ook wij Pasen kunnen vieren.
Slotlied: JERUZALEM, STAD VAN GOD
      Refrein:
        Jeruzalem, stad van God,
        hier komt uw Koning, hier komt uw Heer,
        Jeruzalem, stad van mensen, zing Hem ter eer.


    Hier komt de koning van de vrede, die toekomst scheppen zal,
    Hij heeft zoveel voor ons geleden, dat hoor je overal. Refrein

    Hier komt een Koning zonder luister, die men verguizen zal, en toch: zijn licht verdrijft het duister, dat hoor je overal. Refrein

    Hij is een Koning in het kleine, die men verraden zal,
    en toch: zijn glorie zal verschijnen, dat hoor je overal. Refrein

    Hij is de Koning aller mensen, die men verwerpen zal,
    en toch: zijn liefde kent geen grenzen, dat hoor je overal. Refrein