Iedereen wil leven, maar ooit komt het einde!

Een vreselijk ongeluk.

Bart heeft met zijn verjaardag rollerskates gehad. Hij kent het al aardig. Hij rijdt pijlsnel door de straat en is steeds maar bezig om nieuwe, spannende dingen uit te proberen. Gisteren zag hij een paar, wat oudere jongens bezig met het springen van een schans. Dat lijkt hem ook wel leuk. In de schuur ligt nog een goede plank en hij vindt er ook een kistje. Nu heeft ook hij "schans." Met een paar spijkers timmert hij de plank vast op het kistje, het wiebelt nog wel een beetje, maar Bart denkt dat het zo wel zal gaan. Tussen de middag, eet hij vlug, want hij wil gelijk naar buiten om zijn "springschans" uit te proberen. Om niet al te veel tijd te verliezen, blijft hij vlak bij zijn huis. De schans wordt op straat gelegd en Bart maakt vaart op zijn skates. Hij vliegt de schans op, hij vliegt er over en . . . . hij vliegt tegen het muurtje dat om de tuin heen staat.
De overbuurman, die juist zijn heg aan het knippen is, gooit zijn tuinschaar neer en rent naar Bart. Bart reageert helemaal niet, de buurman gaat de moeder van Bart halen, die vreselijk schrikt. Ze rent naar Bart toe, intussen belt de buurman de dokter, die binnen vijf minuten er is. De dokter kan ook niets doen. Hij zegt dat ze niet aan Bart mogen komen totdat de ambulance er is. Die komt met loeiende sirenes de straat in rijden. Twee verplegers stappen uit, rollen een brancard uit de ambulance. De dokter is al bezig met het aanleggen van een dikke kraag om de hals van Bart en als die goed zit, tillen de verplegers en de dokter Bart in de auto. De moeder van Bart mag mee. Zo rijden ze snel naar het ziekenhuis, waar een dokter en verpleegsters klaar staan om Bart te ontvangen.
Bart praat nog steeds niet en reageert helemaal nergens op. De dokter kan zomaar een naald in hem steken. Het gezicht van de dokter staat somber. Bart moeder zit stilletjes te huilen, gelukkig komt daar de vader van Bart binnen. De buurman heeft hem gelijk gebeld, nadat hij de dokter aan de lijn had gehad. Barts vader ziet spierwit en gaat gelijk naar zijn vrouw toe. Ze zitten samen in een kamertje te wachten tot de dokter klaar is met zijn onderzoek. O,o, wat is dit spannend.
"We hadden hem nooit die rollerskates moeten geven," zegt moeder. "Dat had waarschijnlijk weinig geholpen, dan had hij ze wel van iemand anders geleend," antwoordt vader. Een verpleegster komt hen een kop koffie brengen en vertelt dat de dokter nu eerst foto's wil gaan maken. Het zal dus nog wel een poosje duren, voor ze weer bij Bart mogen. "Ik ga de school even bellen," zegt vader, "anders weten ze daar niet waar Bart is." "Ja, doe maar," zegt moeder, "anders horen ze het nieuws daar van anderen en dat is niet zo aardig."
Vader mag in het kantoortje van de verpleegsters even bellen. De meester had zich al afgevraagd waar Bart bleef en het vreemde was dat zijn vriendjes ook niet wisten waar hij was. Hij belooft in de klas het droevige nieuws te zullen vertellen. Vader vertelt dit weer aan zijn vrouw, en nu kunnen ze alleen nog maar wachten. Na een uur komt de dokter. Deze vertelt dat Bart een heel klein scheurtje in zijn schedel heeft en een hele zware hersenschudding. Hij blijkt met zijn hoofd precies op het muurtje geknald te zijn. Ja, en Bart droeg geen valhelm, dat was hem even te veel werk. Verder heeft hij gelukkig niets gebroken, maar hij zit wel vol met schaafplekken. Het ergste vindt de dokter, dat Bart nog steeds niet reageert. Hij ligt nu in bed en zijn ouders mogen nu naar hem toe.
Ze schrikken wel als ze hem zien. Is dat nu hun levendige, ondeugende jongen! Overal staan apparaten en Bart zich daar met snoertjes en slangentjes aan vast. De ouders gaan bij het bed zitten en moeder pakt de hand van Bart. Ze weten echt niet wat ze moeten doen, of moeten zeggen.
Intussen is de school al uit en ineens steekt er een bezorgde, maar frisse jongenskop om de hoek van de deur. Het is Jan, die maar gelijk even komt kijken hoe het met zijn vriendje is. Peter is er ook bij, maar die durft niet zo goed naar binnen. Dan overwint ook hij zichzelf en loopt naar het bed. "Hoi Bart, wat heb je nu gedaan," zegt Jan, "jij bent me toch een ezelsveulen! Wie gaat er nu toch rollerskaten zonder valhelm op je kop. Grote, grote sufferd!" Het lijkt wel of Bart dit gehoord heeft, even trekt hij met zijn mond. Peter ziet dat ook en doet ook maar een duit in het zakje: "Oen der oenen!!!!! Zeldzaam stukkie eigenwijs opsodemieter!!!!!! Je hebt ons verdraaid nog aan toe een rolstuip bezorgd!!!! Je zorgt maar dat je als de gesmeerde bliksem jouw ogen opendoet, anders timmer ik zo voorgoed dicht!"
Geschrokken kijken de ouders van Bart de twee jongens aan; wat zijn die nu van plan, zo praat je toch niet tegen iemand die zo ziek is. Maar wat alle vriendelijk, bezorgde woorden niet voor elkaar konden krijgen die middag, lukt het potje schelden van twee vrienden wel! Bart doet warempel zijn ogen een beetje open. "Zie je wel," zegt Jan, "daar hadden wij het samen over: Bart zal weer eens niet een spelletje spelen. Iedereen is hartstikke ongerust en meneer ligt er heerlijk van te genieten. Hij moet gewoon flink op zijn kop krijgen, dan komt alles weer goed."
Dat laatste wordt opgevangen door de dokter, die net binnekomt. Hij kijkt vragen naar de ouders van Bart en moeder knikt naar Bart. Dan ziet de dokter ook, dat Bart zijn ogen open heeft, maar alleen maar kwaad naar Jan kijkt. "Jongen, houdt je mond, ik barst van de koppijn!" zegt Bart. De dokter glimlacht en zegt: "Dit is beter, hij is tenminste weer bij bewustzijn. Nu ga ik hem iets geven dat hij lekker kan slapen. Dan moet iedereen weggaan, alleen moeder mag blijven." Bart krijgt iets in een zakje wat boven zijn bed hangt en even later slaapt hij vast. Vader loopt met Jan en Peter de gang op en....bedankt hen , uiteindelijk door hun scheldpartij lukte het weer kontakt te kijgen met Bart. De dokter komt ook de kamer uit en vraagt aan de jongens hoe zij op het idee zijn gekomen om zelf maar eens even in te grijpen. "Dat was niet zo moeilijk. Wij zijn de vrienden van Bart en . . we kennen hem. Hij heeft nu eenmaal een dikke kop, waar je alleen met geweld door heen kunt komen." "Zeg dat wel", zegt de dokter, "want zelfs de dreun van het muurtje heeft maar een heel klein scheurtje in die dikke kop kunnen veroorzaken. Het is wel een geluk bij een ongeluk.
Maar Bart zal wel een tijd in het ziekenhuis moeten blijven, totdat ook zijn hersenschudding helemaal beter is." "Daarna plakken wij zijn valhelm met hele goede lijm aan zijn hoofd vast, dan kan zoiets nooit meer gebeuren," vindt Jan. "Kom laten wij nu gauw de anderen gaan vertellen hoe het met Bart is," zegt Peter, "want die zitten net zo in de rats als dat wij dat zaten." "Zal ik jullie dan met de auto brengen," vraagt de vader van Bart. "Nee, hoor dat hoeft niet, want de rest van de groep, wacht buiten voor het ziekenhuis, we mocht maar met zijn tweeŽn naar binnen."
En jawel hoor, buiten staat rest van de club, er gaat een hoeraatje op als Peter vertelt dat Bart het wat beter maakt. Ze spreken af dat de volgende dag Vera en Sjoerd op bezoek zullen gaan. "Als we dan maar niet zo hoeven te schelden, want dat kan ik echt niet," zegt Vera. "Dat doe ik dan wel," biedt Sjoerd aan, "hopelijk is het niet meer nodig." Samen fietsen de kinderen naar huis om daar in geuren en kleuren het verhaal te vertellen. Sjoerd gaat mee met de vader van Bart, want bij hem is toch niemand thuis, en zo is ook de vader van Bart niet zo alleen. Ze hopen allemaal dat Bart weer gauw een bende kattekwaad uit kan helen, dat is toch wel veel leuker.

EVANGELIEVERHAAL:

Jezus schenkt een dode het leven terug.(Lucas 7, 11-16.)
De jongeling van NaÔn, zoals hij bekend is, was de enige zoon van een weduwe. Jezus heeft hem het leven terug.

Voorbereiding
Informatie voor de begeleiding.

Sterven en begraven gebeurt in Israel meestal op een dag, of soms in twee dagen. Daarna wordt lang gerouwd. Hierbij zijn familie, maar ook alle vrienden, kennissen en buren bij betrokken.

Begraafplaatsen lagen altijd buiten de stadsmuren . De grotere steden hadden stadsmuren om zich zo tegen vijanden te kunnen verdedigen.

Tegenwoordig kennen we re-animatie. Dat was toen nog niet bekend, hoewel Griekse en Egyptische artsen al een heel eind in die richting dachten. Als je in die tijd stopte met ademhalen was je echt dood.

Misschien was de jongeman niet echt dood, maar zg."schijndood". In sommige van dit soort gevallen is flink door elkaar husselen voldoende om iemand tot leven te wekken en een fikse toespraak doet dan de rest.

Veel van de wonderen van Jezus zijn nu enigszins logisch te verklaren, maar...........het blijft natuurlijk wel een wonder dat hij de kennis en het inzicht had!

Een duidelijk voorbeeld hiervan is die keer dat Jezus een blinde geneest, door eerst speeksel in de ogen te smeren en er dan zijn vinger op te leggen. Het kan heel goed een geval van staar geweest zijn.

Hierbij kan het speeksel het hoornvlies zacht hebben en maakt en Jezus heeft de staar, die over de pupil zat, naar binnen, de oogbol ingedrukt. Dit is praktisch nog steeds mogelijk.

Deze "behandeling" was 2000 jaar geleden bij de Grieken bekend, in Israel werd deze echter niet toegepast. Zo zijn meerdere wonderen te verklaren, maar dit tast de grootsheid van Jezus optreden niet aan, hij maakte gebruik van een enorme kennis en inzicht.

Het spiegelverhaal laat heel duidelijk zien, dat een wondertje veelal door mensen veroorzaakt wordt. Alleen het feit dat men op een bepaald idee komt, is meestal niet zo olekt, en zo gemakkelijk te verklaren.

Verwerking
Vragen, opdrachten, suggesties.

1. Naar aanleiding van deze teksten is een gesprekje over "wonderen" natuurlijk eenvoudig op te starten: vraag de kinderen eens of ze in wonderen geloven. Waaraan denken ze dan, kennen ze plaatsen waar veel wonderen zijn gebeurd.

2. Vroeger gebeurden er veel meer wonderen. Wie een wonder overkomen was, bedankte vaak Maria door een marmerensteen in de kerk aan te brengen, of iets van zilver (een hartje, een roos etc.), soms ook werden er schilderijen gemaakt van het betreffende wonder. Soms kun je die schilderijen nog bekijken.

    Het is heel eenvoudig om dit met de groep te gaan doen, want in Handel hangen dit soort schilderijen in de kerk! In die kerk is ook een klein boekje te krijgen waarin je kunt lezen, waarom Handel een bedevaartplaats is. Buiten in het "processiepark" zijn de staties van de kruisweg te zien. Om Maria te eren worden er in dat park af en toe "lichtprocessies" gehouden. De mensen lopen dan met een kaarsje en bidden en zingen.

    Andere dichtbijzijnde bedevaartplaatsen: Smakt ( St.Jozef. Daar kan je heen gaan om te bidden voor een goede man), Kevelaer, ( Maria) dit is ook een hele oude bedevaartplaats, maar ligt over de grens en dat wordt ingewikkeld, want je hoeft wel geen paspoort te tonen aan de grens, maar je moet er altijd wel een bij je hebben. ‘s Hertogenbosch (Maria in de St.Jan. Het is zeker de moeite waard om daar met de kinderen eens heen te gaan, maar daar heb je een hele middag voor nodig. ) Roermond ( Maria in de kapel in ‘t Zand.)

    Dan heb je ook nog in Tienray en in Katwijk , Lourdesgrotten. Die zijn wat betreft de sfeer echter niet te vergelijken met het echte Lourdes, waar de kinderen ook wel van gehoord zullen hebben, want als je over wonderen praat, denk je toch al gauw aan Lourdes. (Over Lourdes is genoeg informatie te krijgen er zijn boeken vol overgeschreven en er is een goede videoband , die over Lourdes en het verhaal daar vertelt )

    Wil je verder van huis, een dagje uit met de kinderen: in Banneux is Maria ook verschenen. Hier vlakbij zijn de watervallen van Coo, met leuk pretpark, dat te overzien is. Daar ook vlakbij zijn de druipsteengrotten van Remouchamps en je kunt ook daar in de buurt op Safari , trap daar niet in , want daar is het zoals ht beschreven staat in het spiegelverhaal "Op Safari".

3. Het was voor de moeder in het evangelie dubbel zo erg dat haar zoon stierf, want in die tijd, waren "ouderen" aangewezen op de zorg van hun kinderen. Opa’s en oma’s bleven bij de familie wonen en daar werd voor hen gezorgd.

    Hoe zit dit nu, in ons land? Praat er eens over met de kinderen, praat eens over voor en nadelen. Wat zouden zij er van vinden als hun grootouders bij hen inwoonden?

    Het is helemaal niet zo vreemd, dat er voor ouderen door de jongeren gezorgd moet worden, kijk eens naar Frankrijk, daar ga je alleen naar een bejaardenhuis als het thuis echt niet meer gaat. (bv. als iemand dement wordt, of op een andere manier een tikkie knots).

    Toch horen opa’s en oma’s ook in ons land er echt bij.

    Misschien is dit een goede gelegenheid om een "oma- dag" in te voeren. Maak met de kinderen iets voor hun oma, of hun opa.

4. Dit evangelieverhaal kun je vrij eenvoudig naspelen, er is wel een hoeveelheid oude lakens of verband voor nodig, om de "dode" in te draaien. De baar is gemakkelijk te maken met twee stevige stokken en stevig touw ( dat oranje, dat op de boerderij overal voor gebruikt wordt). Volg de instrukties van de tekening.

    Dit hoeft geen " stille" begrafenis te zijn, want in die tijd werd er hardop gehuild, en een heleboel herriegeschopt.

    De mensen hoefden zich niet in te houden of te schamen omdat ze verdriet hadden. Ze lieten zich gaan en mochten hun gevoelens gewoon uiten.

5. Als vervolg op punt 4. of eraan vooraf , of terwijl je het aan het spelen bent, kun je eens met de kinderen erover praten, wat zij zien aan verdriet. Ook over wat ze niet zien. Ook over wat ze leren : "flink zijn" , zijn ze het daar helemaal mee eens, of vinden ze het soms best fijn om zich eens eventjes te mogen laten gaan.

    Misschien hebben ze wel eens zo een uitzending over alternatieve therapieen gezien, daarbij valt het op dat mensen vooral, zich moeten laten gaan!!!!!! (Het lijkt er in onze kultuur veel op, dat je je alleen mag laten gaan als je er voor betaald hebt!!!!)

    Mensen lopen dus vaak met maskertjes op : echte, soms dragen ze zonnenbrillen (zelfs met spiegelglas) , ze verstoppen zich achter een laag make-up .

6. Maak met de kinderen maskertjes die passen bij een begrafenis. Maak er ook een paar die passen bij een wonder.

    Maak ze ofwel van tekenpapier (dit gaat vlug), of maak ze papier-machee, dit kost veel meer tijd en kan niet in een bijeenkomst afgewerkt worden. In twee gaat het prima.

    Benodigdheden: ballonnen ( dit is de ondergrond waar het masker op gemaakt wordt. ), stijfsel (dit is het goedkoopste plakmiddel, gaat prima!) , oude kranten, die je aan repen moet scheuren, en w.c.-papier.

    Blaas de ballonnen op. Plak hier de krantenrepen overheen met stijfsel ( die wel goed afgekoeld moet zijn, want aan warme stijfsel kun je je lelijk verbranden) . Bepaal van de voren waar de oven en de mond moeten komen en laat die vrij. Met een propje krant vorm je een neus, die je er met repen weer op vastplakt. Voor de laatste laag, de fijne afwerking, gebruik je w.c.-papier. Er kunnen ook oren aan, wratten op etc.etc. Laat het geheel een weekje drogen. Laat dan de ballon leeglopen. Pas eventueel met een mesje de ogen aan en........beschilder het masker.

    Terwijl kinderen met hun handjes bezig zijn, kun je fijn verhalen voorlezen. (Schakel wel wat extra hulpkrachten in, want het is best bewerkelijk.)

7. Er bestaat ook nog een balspel dat heet : Bloot is dood! Het is een soort trefbal (zelfde regels) met dit verschil, dat wie getroffen wordt op zijn blote huid (niet het gezicht, gebeurt dat toch dan krijgt het kind drie extra kansen) dan is de persoon dood, en moet op de grond voor dood gaan liggen.