De wederopbouw na de Ballingschap

Machtverhoudingen veranderden regelmatig in het Midden-Oosten. De macht over het grote rijk kwam terecht bij Kores, de koning van PerziŽ. Een andere en meer bekende naam voor Kores is Cyrus. Hij had zijn eigen plannen met de vele buitenlanders in zijn rijk.Hij besliste dat de Isra"lieten weer naar huis mochten en dat zij hun tempel weer mochten opbouwen.
(Ezra 1)

Hoewel alle IsraŽlieten naar huis mochten, pakte niet iedereen zijn spullen. In feite was het maar een vrij kleine groep die op tocht ging, en niet allemaal tegelijk. Na 50 jaar ballingschap waren de meeste joden aardig gesetteld in MesopotamiŽ. De meerderheid bleef gewoon waar ze was. Degenen die teruggingen kregen veel kostbaarheden mee van de achterblijvers en ook alle schatten mee  die Nebukadnesar in Jeruzalem geroofd had. (Ezra 1)

Weer terug in Jeruzalem begon de wederopbouw van de stad en de tempel. Er werd een grote collecte gehouden om alles te finacieren. Als eerste werd het altaar weer opgericht en konden er weer offers gebracht worden. Dat werd als heel belangrijk gezien.
Het eerste feest dat ze weer thuis konden vieren was het loofhuttenfeest.  (Ezra 2 en 3)



De niet IsraŽlitische bewoners van Jeruzalem keken met grote argwaan naar al die activiteiten van de teruggekeerde ballingen.  Met alle macht probeerden zij de herbouw van de trempel tegen te houden. Eerst zeiden ze dat ze wel wilden meehelpen om de tempel weer op te bouwen. Maar dat was meer om de bouw te kunnen sabboteren. Toen hun "hulp" afgewezen werd, probeerden zij invloedrijke personen om te kopen om de uitvoering tegen te houden. En ze dienden ook nog een aanklacht in bij de koning van PerziŽ.Kores liet de bouw doorgaan, maar een van zijn opvolgers, Artachsasta werd de bouw tijdelijk stilgelegd.  (Ezra 4)

Met de terugkeer van de ballingen begon ook de wederopbouw van de tempel. Hij was kleiner en niet te vergelijken met het prachtwerk van Salomo. De herbouw vordert maar heel langzaam.  Een belangrijke figuur bij de opbouw was de priester Ezra. Hij was in 458 vůůr Christus door Darius gezonden om toe te zien op de tempelbouw. Hij onderwijst de mensen in de echte joodse wetten, want die zijn veelal in onbruik geraakt.   (Ezra 7)
Ezra zag tot zijn grote schrik dat de IsraŽlieten  het niet zo nauw namen met de traditionele joodse wetten. Zo waren er bijvoorbeeld velen met een niet-joodse vrouw getrouwd. Hij hield een paar stevige donderpreken en dat resulteerde dat de meeste IsraŽlieten hun heidens vrouw wegstuurden.
(Ezra 9 en 10)



De situatie in Jeruzalem was nu niet geweldig. De IsraŽlieten hadden het moeilijk door de vijandige houding van de andere bewoners. Bovendien lag de stadsmuur nog grotendeels in puin, en dat gaf ook een gevoel van onveiligheid. In MesopatamiŽ woonde Nehemia bekleede een hoge functie aan het hof van de koning. Hij was de wijnschenker. Hij hoorde van de problemen in Juda en kreeg van de koning de opdracht erheen te gaan om orde op zaken te stellen. Hij werd de landvoogd. (Nehemia 1 en 2)
Een van de eerste dingen die Nehemia regelde was de herbouw van de stadsmuren zodat de situatie wat veiliger werd voor de inwoners van de stad. En inderdaad, toen de stadsmuur weer herbouwd was kon het leven weer zijn gewone gang gaan. De poort mocht pas open als het volop dag was, uit veiligheid. Maar ook een stadsmuur houdt niet alle politieke veranderingen buiten de deur.
(Nehemia  3)

Weer voltrokken zich in het Midden Oosten grote veranderingen. PerziŽ verloor zijn status als machtigste rijk in het Midden Oosten. De macht werd overgenomen door Alexander de Grote, afkomstig uit MacedoniŽ.
Zijn komst  bracht een enorme verandering met zich mee in heel het Midden-Oosten. Overal kreeg de Hellenistische cultuur voet aan de grond. Ook na zijn dood zette deze trend zich door. (1 MakkabeeŽn 1)

Zijn generaals verdelen het rijk onder elkaar, omdat de zoon van Alexander nog te jong is. Twee van het, PtolemeŁs en Seleuces en hun opvolgers spelen een belangrijke rol in de geschiedenis van het joodse volk. Zij zetten de hellenisering in het rijk door en dat bracht hen in conflict met de lokale culturen, met name met de joodse.  . Ezra en Nehemiahadden de puntjes op de i gezet maar later ging het weer helemaal mis. Steeds meer mensen namen de gewoonten van de heidenen over. Zo werd er in Jeruzalem een atletiekschool opgericht, zoals bij de heidenen gewoon was maar in IsraŽl verboden. (! MakkebeeŽn1)

Er was een zekere Antiochus aan de macht gekomen, geen lieve jongen, verre van. Eerst trok hij op naar Egypte en veroverde dat land. Op terugtocht ging hij ook even aan in Jeruzalem. Nou, dat hebben ze daar geweten. In de gauwigheid plunderde hij de tempel en alles wat van waarde was pikte hij mee.Later werd herel de stad geplunderd, en in brand gestoken. De joodse godsdienst werd verboden. (1 MakkabeeŽn 1)

Zoals zoal vaak in benarde tijden: er stonden helden op die de strijd aanbonden met de verdrukkers. De Makkebeeťn zijn in deze tijd de meest bekende.